
Darm-, weefsel- en ectoparasieten 2024.4C

Darm-, weefsel- en ectoparasieten 2024.4C
- Casus 2024.4C
Een 72 jarige Nederlandse man meldt zich bij de huisarts met jeukklachten. De man is een groot dierenliefhebber en heeft als huisdieren, meerdere honden, katten, konijnen, postduiven en een hangbuikzwijntje. Hij heeft een ‘beestje’ meegebracht en vraagt wat voor beestje het is en of deze de oorzaak van zijn jeukklachten zou kunnen zijn.
Materiaal: Digitaal beeldmateriaal
Vraagstelling: Determinatie ‘beestje’ – In welke periode van het jaar komen de meeste humane infestatie presentaties voor.
Je kunt de afbeelding(en) vergroten in een nieuw venster door erop te klikken
- Materiaal:
- Conclusie en bespreking:
vogelmijt (Dermanyssus gallinae)
Humane infestaties met vogelmijt komen met afstand het meeste voor in het voorjaar (april-mei). Vogelmijten komen met name voor op de broedplaatsen van vogels (bv nestkastjes) en als de vogels na het broeden uitvliegen zullen de vogelmijten gaan migreren waardoor contact met mensen sterk toeneemt. Vogelmijten kunnen dan mensen bijten waarna erythemateuze papels kunnen ontstaan. Voor meer informatie zie het review van Maria Assunta Cafiero et al. (2019) Avian Pathol 48, S22-S34
